studentenwelkom?

september 25, 2009

‘t Academiejaar is weer begonnen.

Dat merk ik niet zozeer aan mijn lessenrooster, des te meer aan de troepjes eerstejaarsstudenten, die synchroon verdwalen met de kaart van Leuven in hun achterzak. Meestal meisjes met cognac-kleurige laarsjes, die kilometers omwegen stappen om in’t beste geval de juiste aula te bereiken. En als dat niet lukt hebben ze toch één of ander groepsgevoel bevorderd. Samen de weg kwijt zijn schept een band.

Soms wordt die band verder ontwikkeld. Bij voorkeur gebeurt dat op café, of in één van Leuven’s budgetvriendelijke fakbars. Grapjassen noemen ze weleens fuckbars, en je wordt inderdaad serieus genaaid als je gedacht had dat je er een tafel, laat staan een stoel of twee ter beschikking zou krijgen. ‘t Is rechtstaan geblazen, ofwel samengeperst tussen andere aanwezigen, ofwel onder de blote hemel, op de voorgevel tussen de fietsen.

Ach niet getreurd. Wie manipuleerbaar genoeg is komt vroeg of laat wel in de 7oaks terecht, waar ze na tweeën uitsluitend nineties-”muziek” draaien, tot groot jolijt van iedereen die opgroeide in de jaren negentig, en da’s dus vijfennegentig procent van de studenten… De 7oaks is enig in zijn soort, voor zover mijn kennis van danskelder-slash-jeneverbars reikt. Veel vrijgezellenavonden zijn er beëindigd, veel one-night-stands zijn er begonnen en veel studenten hebben zich er tegoed gedaan aan een cocktail van fruitjenevers, in’t slechtste geval gemengd met bier.

Naarmate de avond vordert, ontpoppen de zatlappen zich. Je hebt ze in verschillende soorten. Sommigen gaan keurig naar hun kot toe, steken de sleutel in de deur van hun onderbuur en realiseren zich een half uur later dat ze een verdieping horen moeten zijn. Meestal snellen ze dan ook de trap op- vooraleer onderbuur wakker wordt- en kruipen ze met kleren aan in’t bedje.  Een tweede soort grijpt de vrienden bij de arm en zingt over Opblaaskrokodillen, terwijl ze door de Schapenstraat waggelen. Als ze voorbij mijn raam komen, ontketenen ze mijn pre-ochtendhumeur, en da’s niet niets. In die fase ben ik bereid om een emmer koud water over hun hoofd te gieten, onder het motto ‘direct nuchter’, maar eigenlijk heb ik dat nog nooit gedaan. Te lief voor deze wereld…

Anderen worden meteen misselijk van de buitenlucht. Dat zijn de ergste. Als het feestgedruis ten einde loopt, en hun lichaam de buitenlucht trotseert, onstaat er een onbehaaglijk gevoel in hun maag. ‘Misselijk’… maar dat duurt meestal niet zo lang, want op de gevel van het eerste, beste huis ledigen ze die maag, met alle gevolgen vandien. Niet zozeer voor hen, wél voor mij, wanneer ik ’s morgens om 7uur (oké, eigenlijk 9uur) naar de bakker huppel (slenter).

Tussen haakjes, ik schiet niet op de eerstejaars, want...’t Laatste Nieuws kopte gisteren

‘ongedeerd na val van 13m’.

Op pagina 3 lees ik dat een avontuurlijk aangelegde 19-jarige student de brandladder van de fakbar ‘Letteren’ is opgeklommen om er daarna-logischerwijs- weer af te vallen. Om het verhaal compleet te maken werd zijn identiteit nauwkeurig uit te doeken gedaan. De jongen in kwestie, Frédéric en nog iets, studeert aan de KULeuven, en toeval of niet… hij zit in’t tweede jaar communicatiewetenschappen. Net als -El-