Sommige meisjes zijn gewoon echt-zo-kei-irritant-zo hé.
Ze hakken de aula binnen, ploffen neer op hun voorziene plek en beginnen een eindeloze monoloog tegen de vriendinnen. Ze praten om te praten en verkondigen nieuwigheden die werkelijk niemand interesseert.
Miss weetikveel, die uiteraard op de bank achter mij zat, had het gemunt op de prof sociale psychologie. De godganse honderdeenentwintig minuten moest ik haar commentaar aanhoren, over Vera’s kapsel en haar klinieksloefen en haar exentrieke taalgebruik. Na elke sociaalpsychologische wijsheid volgde een diepe zucht en en tsssssssssss van jewelste. ‘En ni klappen straks hé’ zei ze zo’n 7 keer op 10 minuten tijd. ‘Nee hé, we gaan direct naar den Alma eten. Een Club Kaas, ofnee, ne Friet’
Toen Vera de kaap van 120 minuten overschreed begon mijn ‘achterbuurvrouw’ pas echt te steigeren. Met haar jas aan en haar bank naar beneden geklapt wachtte ze op de ultieme verlossing. Toen Vera ons tevergeefs ‘veel succes met de examens’ wenste spurtte ‘weetikveel’ naar buiten alsof haar leven er vanaf hing.
En eenmaal buiten wachtte ze gedurig op haar vriendinnekes. Steun en toeverlaat, ofzo.
-El-