Over geuren en dingen die nu eenmaal gebeuren…
november 30, 2008

Jezelf uit het oog verliezen, of vergeten, of domweg ergens achterlaten. Het kan, bedacht ik zonet, terwijl ik mijn handen waste met vloeibare zeep uit een paarse fles waarop lavendelbloesemfotos plakten. Het chemische slijm op mijn handpalm rook echter niet naar lavendel, integendeel. Naar een herinnering rook het des te meer…
Het was zeker een jaar geleden dat mama nog eens paarse zeep uit de delhaize had meegebracht, want de voorbije maanden passeerden enkel gele kamille en groene linde de revue. Lavendel vond mama niet lekker ruiken, maar in de haast van het zaterdaagse winkelbezoek had ze waarschijnlijk het verkeerde zeepflesje had meegegrist. Zo komt het dat er, na lange tijd, weer een paars exemplaar op onze lavabo pronkt.
Maargoed.
De povere fabrieksgeur die men schaamteloos als ‘lavendel’ bestempelde, deed me aan iets denken. Peinzend liep ik de badkamer uit, en na luttele seconden liep er een onheilspellende rilling over mijn rug, die logischerwijs gevolgd werd door sombere gedachten. Want zoals ik in mijn eerste zin reeds beweerde, kun je jezelf verliezen. En dat deed ik ook, zo’n jaar geleden, toen mama voor de eerste en laatste keer (als we vandaag buiten beschouwing laten) lavendelzeep kocht.
Ik was verliefd, toen. En hij, hij was degene waarop ik verliefd was.
Niet meer dan dat, maar ook niet minder. Hij speelde geen voetbal, studeerde of werkte niet en zijn vettige haar vertelde me dat hygiëne niet tot zijn prioriteiten behoorde. Hij rookte.. ’s morgens…in bed en vertelde tussen twee trekken door dat ik te mager was, dat er wel ‘wat meer vet aan mocht zitten’. Hij nam me mee naar het degoutantste frituur uit de buurt en begroette de uitbaatster, een wandelende obesitas-preventie, alsof ze een suikertante was. Daarop gooide ze er een extra kippennugget bij, terwijl ze mij met argwaan aanstaarde. Want dikke mensen hebben per definitie iets tegen de minderbedeelden, wat lichaamsvet betreft. Dun zijn én een frituur betreden én op de koop toe niets bestellen, dat verdiende op z’n minst een afkeurende blik. En die kreeg ik.
Een week later zij hij dat het niet zou lukken tussen ons, en ik gaf hem gelijk. Hij zei dat het niet aan mij lag, en dat hij gewoon ‘niet gemaakt was’ om een relatie in stand te houden, wat ik -wederom- kon beamen. Er scheelde iets met hem, problemen in zijn jeugd, denk ik, maar hij wilde er niet over praten. Hij ‘kon het niet’, zei hij, waarop ik begrijpend knikte.
Ik wilde hem helpen. Ik probeerde vrolijk te zijn, om zijn manisch depressieve buien te compenseren en ik moedigde hem aan met herkauwde onzin als ”t komt wel goed, als je je best doet vind je wel een job. Moet ik meegaan naar je sollicitatie?’ Ik wilde het lichtpuntje zijn in zijn duistere leven waar ik helemaal geen zaken mee had.
Ik faalde
Een hart van goud, had hij
maar niet voor mij
-El-
Is er iets mis?
november 18, 2008
Ik denk dat ik je mis,
ik weet dat ik je mis
en toch vertel ik het niet
want dan denk je
dat ik verliefd ben
dat ik met je naar bed wil
dat ik je hand wil vasthouden als we samen door de Bondgenotenlaan lopen
dat ik elke dag een uur aan de telefoon met je wil hangen om te zeggen hoeveel ik je mis en te luisteren naar het feit dat jij me nog veel meer mist.
En toch
moet ik kwijt
dat ik je mis
-El-
Kinderboerderij
november 17, 2008
Studenten… zijn soms echte varkens, dat kan ik je verzekeren. Vooral in combinatie met de nodige promilles bier of sterkendrank. Dat besefte ik toen ik nietsvermoedend de keuken binnenwandelde, op de ochtend, of was-het-nu middag(?) na mijn allereerste eigenste kotfeestje. Ik baande me een weg doorheen de scherven, terwijl de vloerbedekking hard z’n best deed om aan mijn sloefen te blijven plakken. En alsof ik deze mini-ground zero niet zou opmerken, had Sonja de kuisvrouw ook nog eens een heuglijke boodschap op het bord geschreven, die als volgt luidde: ‘Feestjes zoals dit kunnen niet!! Volgende keer kuisen jullie het zelf maar op!’
Ze had overschot van gelijk, die rare Sonja met haar witter-dan-witte tanden, want al bij al is ze nog niet van de slechtsten. Haar werkuren spendeert ze in de kamer naast de mijne, en ze heeft me al drie keer gevraagd of haar getater-om-halfacht-’s morgens me niet stoorde. Ik knikte glimlachend van ‘nee’, ondanks haar haar voorliefde voor radio Donna op het hoogste volume. ‘Altijd beleefd zijn tegen vreemde mensen’ drukte mama me iets te vaak op het hart…
Maargoed, ik vond mezelf terug in de keuken, al zoekend naar de cadeautjes en de ornamenten de ik er de vorige avond had achtergelaten. De lampen en ballonnen vond ik zonder moeite terug, en zelfs de flessen wijn en cava leken onaangetast. Het verjaardagskaartje van mijn allerliefste ganggenoten lag op exact dezelfde plaats als ik het gisteren had achtergelaten. Alleen… leek de €20 die er keurig tussen stak nergens meer te bespeuren. En ons plan om een pintjes aan 50 ct aan te bieden, had blijkbaar ook ergens zijn efficiëntie voorbijgestreefd, 39 euri verlies gadverdamme!
Ik ben de laatste die zich om centen zal bekommeren, maar toch ben ik ietwat teleurgesteld in mijn mede-student, die doodgewoon andermans briefje van twintig in zijn/haar zak steekt. Of schaamteloos achter de toog duikt om zélf een gratis pint te ontkurken. Ouderwets, I am , maar een minimum aan vertrouwen en beleefdheid moet toch kunnen, ofniet? De deur op slot doen en mijn portemonnee onder mijn slaapkussen steken waren nooit echt mijn specialiteiten, maar ik voel me -meer-en-meer genoodzaakt om me paranoïde te gedragen, en keer op keer de keuken op slot te doen als ik een stomme fles cola wil gaan halen.
Zucht.

‘k kan het niet laten
-El-
Zondagavond
november 16, 2008
Zondagavond is van mij.
Stubru draait ethnische mix-jes terwijl ik de weekendkrant doorblader. De ‘financiële morgen’ en ‘het sportnieuws’ verdwijnen in de ladenkast, en ik ga op zoek naar mijn favorieten in het dagblad. De blogberichten!
Heerlijk herkenbaar, hoe Dimitri verhulst schrijft over de haantje-de-voorstes in onze samenleving, die furore maken als ze niet snel genoeg bediend worden aan de toog. Bijgevolg gaan ze voordringen en snauwen en… krijgen ze hun pintje eerder dan jij, terwijl je al veeeel langer staat te wachten, en je ongeduld wijselijk onderdrukt.
Enkele bladzijden later stootte ik nogmaals op een column, en dit keer ging het over Belgiës bekendste lolbroek Geert Hoste. Een paar uur eerder zag ik hem nog op tv, vergezeld door zijn misplaatste zelfvertrouwen. Hij grapte over Justine Henin’s kleine voorgevel en belandde daarom genadeloos in mijn lijstje van ergerlijke televisiefiguren. Een fictief lijstje, weliswaar, al kan ik wel een paar lotgenoten van mijnheer Hoste vermelden. Anti-sekssymbool Ben Crabbé, bijvoorbeeld. Bescheidenheid siert, maar hij houdt blijkbaar niet van sieraden. Of Bruno Wijndale, de nachtmerrie van logopedisten. Mompelen én een Frrranse rrr hanteren, auwch. Als hij nu nog zijn kop meehad, maar dat laat ik in het midden.
Maargoed, gelukkig is de Pappenheimers terug van weggeweest, het enige programma dat ik een blik waardig acht, naast het goede oude journaal. En wonder boven wonder is presentator Tom Lenaerts noch arrogant, noch dyslectisch, en zélfs sympathiek naar mijn mening.
De tv mag weer op, na een lange tijd van onthouding, maar enkel op zondagavond.
Mijn avond.
-El-
Titel volgt ;)
november 15, 2008
Your footsteps tell me
that it’s over, after all
You could have kissed me on the cheek
but you’ve let me down
I won’t burst into tears, no
I feel a little sad, though
‘Goodbye’ left unsaid
sounds loud in my head.
You’ve closed the door behind you
and I don’t know where you’re hanging out.
I guess you’re listening to sad music
with a cigarette in your mouth.
Feeling sorry for yourself,
and blaming girls like me.
You want to forget about me,
you think you’re better off without me…
Le cinéma
november 11, 2008
Ik hou van eigenaardige films
Van films die zich mijlenver van mijn eigen leven afspelen, en waarin enkel en alleen geschifte personages voorkomen. Van beelden die je onverwacht vastgrabbelen en je diverse kippenvel-momenten bezorgen. En niet omdat ze zo eng zijn, of toch niet in de traditionele betekenis. Geen overmatig behaarde moordenaars die met de grijns hun bijl slijpen. Geen bloederige scream-scenario’s, want da’s toch maar ketchup.
Geef mij dan maar rauwe, realistische producties, overgoten met de gepaste muziek om de miserie extra in de verf te zetten. Films die je aanspreken en meeslepen. A la requiem for a dream, waarin een koppel drugsverslaafden in een neerwaartse spiraal terechtkomt. Hun mooie toekomst valt in duigen en ze worden gaandeweg bleker, magerder en wanhopiger. Een sinistere melodie keert steeds terug, maar luider dan voorheen, en aan het einde van de rit beland zij in de prostitutie en hij in het ziekenhuis, waar zijn arm er deskundig wordt afgesneden. Dromen worden bedrog, zoals de titel doet uitschijnen.
Trainspotting staat ook in mijn top 5. Soortgelijk aan Requiem, maar wél gebaseerd op een boek (van Irvine Welsh). Een boek dat, hoe kan het ook anders, nog beter is dan de film en nog vettigere details bevat. De auteur heeft-speciaal voor dit verhaal- met allerhande drugs geëxperimenteerd, en het milieu wordt dan ook rijkelijk weerspiegeld in de film. Zo zie je junkies die hun heil zoeken in een wc-pot, baby’s die over het plafond kruipen en de effecten van speed op een sollicitatiegesprek. Niet echt een schoolvoorbeeld van vroom gedrag, maar des te leuker om naar te kijken.
Nog psychiatrie-perikelen kun je in Girl, Interrupted bewonderen. Een mengelmoes van borderline, eetstoornissen en alcoholisme, met Winona Ryder én Angelina Jolie én Whoopi Goldberg. Geen romantische komedie, dus, maar hij loopt wél goed af, voor de verandering.
Maar ondanks mijn voorliefde voor de bittere realiteit, verdrink ik met veel plezier in Frodo’s blauwe ogen (The Lord of The Rings).Tederheid alom!
-El-
Verloren gedachten
november 7, 2008

Bladzijde vijfhonderdachtentwintig.. eindelijk!
Ik klap mijn boek toe en kijk voldaan naar het zeven-centimeter-dikke exemplaar dat ik de voorbije weken naar mijn kot, naar huis, naar de kinenist en naar de tandarts meezeulde. Ik ben een trage lezer, vandaar. Maar bij deze kan ik met enige trots verklaren dat ‘de verborgen geschiedenis‘ enigszins onthuld is.
En of het iets met dit betreffende boek te maken heeft, weet ik niet, maar ik heb het gevoel dat ik dezer dagen gaandeweg een hoofdstuk afsluit in mijn leven.
Alsof ik langzaam maar zeker verander, en toch nog steeds dezelfde ben als jaaaren geleden.
Een hoop klei, die ik in de gewenste vorm kan kneden. Maar klei blijft klei,ik kan er geen porselein van maken. Hélas…
Ik probeer de ruwe blok klei echter wel tot iets optimaals te verwerken. Een streven naar beter en beter, dat men weleens perfectionisme noemt. Maar soms heb ik ook weleens zin om het ding in een colaire tegen de muur te plakken, en er even niet meer aan te denken.
‘Ik ben ik en niemand anders. Punt.’
In publiek zou ik het nooit op die manier zeggen, maar ik kan het even niet minder stampvoeterig verwoorden. Het komt erop neer dat een mens, volgens mijn benadering, zijn eigen aardje heeft, dat hij of zij wel kan onderdrukken, maar beslist niet voor jaren en jaren.
Zo kom ik er voor uit dat ik wél graag pizza eet, en niét tegen mijn verlies kan, want ook mijn vreemde kantjes dragen bij tot een volwaardig ik-zijn.
Change?
-El-